Interview Trouw: Babyvoeding is en blijft basis Nestlé

To Press Releases listAmstelveen,jun 9, 2016

 

Bij steeds meer baby’s wordt een allergie geconstateerd. Een eiwitallergie bijvoorbeeld. Daarom groeit de vraag naar speciale babyvoeding. Om aan die vraag te voldoen, breidt Nestlé,’s werelds grootste voedingsmiddelenconcern, zijn babyvoedingfabriek in Nunspeet uit. Kosten? 80 miljoen euro.

De 150-jarige Zwitserse onderneming is bekend van merken als Nespresso, Nescafé, Maggi, San Pellegrino, KitKat en Felix (huisdiervoeding).“Maar”, zegt Marc Boersch (47), topman van Nestlé Nederland, “alles begon in 1866 toen oprichter Henri Nestlé een alternatief ontwikkelde voor moedermelk: oplosbare babyvoeding. Destijds stierf 25 procent van de kinderen, door slechte hygiëne, gebrekkige medische zorg, of doordat hun moeder hen niet kon voeden. Zo verloor Henri zeven van zijn dertien broers en zussen. Babyvoeding is de grondsteen van Nestlé en die erfenis dragen we nog altijd uit.”

De Duitser Boersch is nu bijna drie jaar algemeen directeur. Elke werkdag gaat hij op de fiets van Amsterdam naar buurgemeente Amstelveen, waar het hoofdkantoor van Nestlé Nederland staat. “Eigenlijk willen mijn vrouw, mijn drie kinderen en ik, hier niet meer weg”, zegt hij in vrijwel vlekkeloos Nederlands.

“We zijn gelukkig hier. Bovendien is de combinatie tussen Nestlé en Nederland een leuke. Nederland is innovatief en heeft veel kennis over voedingstechnologie. Nederland heeft de wetenschappelijke omgeving van de Universiteit vanWageningen, veel mensen met talenkennis en goede zuivel.”

Dat overtuigde het hoofdkantoor in Vevey, Zwitserland, de investering van 80 miljoen euro in de Nunspeetse nieuwbouw te doen. Daar gaat Nestlé voeding produceren voor baby’s met een eiwitallergie. In de huidige fabriek, die sinds 1895 bestaat, produceren driehonderd medewerkers babyvoeding. De nieuwbouw is vorige maand begonnen, volgend jaar is het werk klaar.

Boersch: “Nunspeet is een van onze beste babyvoedingfabrieken. Onze mensen zijn er gespecialiseerd in eiwittechnologie. Het beste voor een baby blijft borstvoeding. Maar als een zuigeling, om welke reden dan ook, geen moedermelk kan krijgen, moet er een alternatief zijn. Moeilijk wordt het als een baby ook geen voeding op basis van koemelk kan hebben. Daar willen we een oplossing voor bieden.”

De grondstof die Nestlé gebruikt voor voeding voor baby’s met een eiwitallergie is tóch koemelk. Van Nederlandse koeien. Met behulp van een technische installatie kunnen laboranten de vorm van het eiwit veranderen – ze delen het in kleine stukjes – waardoor het lichaam het niet meer als eiwit herkent. Zo kan de baby de voedingsstoffen wel opnemen. De voeding die een baby de eerste duizend dagen krijgt, ook al in de buik van de moeder, is beslissend voor zijn latere gezondheid. De kwaliteit van het eiwit maakt het verschil, zegt Boersch.

Volgens hem neemt de vraag naar speciale zuigelingenvoeding de laatste jaren toe. “Hoewel het percentage baby’s met een allergie in Nederland relatief laag is, loopt dit in sommige geïndustrialiseerde landen op tot 10 procent.”

Een arts moet de speciale babyvoeding voorschrijven. Daarom komt deze niet op de schappen van supermarkten en drogisterijen, zoals reguliere babyvoeding, maar wel op die van apotheken.

Een klein deel is bestemd voor de Nederlandse markt, het grootste deel exporteert Nestlé wereldwijd. Chinezen opteren voor babyvoeding uit Europa. Dat vertrouwen ze, zegt Boersch. Europese babyvoeding staat bekend om zijn kwaliteit en veiligheid.

Gewone babyvoeding maakt Nestlé wel in China. Het bedrijf produceert het liefst daar waar het product wordt verkocht. “We geloven dat voeding en levensmiddelen iets lokaals zijn.”

“Als je het mij vraagt, moeten grote voedingsmiddelenbedrijven China ondersteunen om het vertrouwen van de bevolking in lokaal geproduceerde voeding terug te winnen. Weinig buitenlandse concerns doen dat. Die denken vooral aan de korte termijn."

“Of wij dat doen om de Chinese markt weer te laten groeien en meer winst te maken? Nee, onze strategie is voordelig voor de maatschappij. Denk maar eens aan deCO2-uitstoot. Die is veel hoger als je producten van links naar rechts blijft transporteren.”