Telegraaf - MAGGI 120 jaar in Nederland

To Press Releases listAmstelveen,jun 13, 2015

TELEGRAAF 13-6-2015

Door: Emile Bode

 

Emile houdt wel van een scheutje MAGGI in de soep

Foto Johannes Dalhuijsen

 

’Een beetje van jezelf en een beetje van Maggi’. Het is misschien wel de meest beroemde slogan van dit ogenschijnlijk Nederlandse, maar in werkelijkheid Zwitserse bedrijf. Dit jaar precies 120 jaar in Nederland.

De glazen flesjes met donkere substantie en welbekende gele dop staan in onvoorstelbaar veel keukenkasjes. Lekker een scheutje in de soep. Keukens werden door de jaren heen vernieuwd, maar de flesjes Maggi bleven staan. Ofschoon dit bij steeds minder jongeren het geval is. Zij gebruiken het ’aroma’ steeds minder.

Maar het was wel dit flesje met geelrood etiket, waar de Zwitserse bedenker Julius Maggi in 1897 groot mee werd. En uiteraard de bouillonblokjes, waarvan er nu wereldwijd 100 miljoen per dag worden verkocht.

„Het begon allemaal tijdens de industriële revolutie. Er was veel armoede en meer vrouwen moesten werken om het hoofd boven water te houden. Julius Maggi bedacht een peulvruchtenpoeder. Een voedzame, licht verteerbare en betaalbare maaltijd", vertelt Justijn Gombert, van Maggi Nederland. Sinds 1947 onderdeel van Nestlé.

Probleem was alleen dat dit spul niet te eten was. Daarom maakte Maggi er twee jaar later een basis voor soep van. Dat smaakte wel. Gombert zegt: „Het was een soort droge erwtensoep waaraan je water moest toevoegen. Het aroma en de bouillonblokjes volgden, waardoor het bedrijf enorm groeide."

Het leven wordt steeds drukker. Dat vrouwen werken, is in onze moderne maatschappij de normaalste zaak van de wereld en ook dat steeds meer mannen helpen in de huishouding. Bijna dertig procent kookt dagelijks, zo blijkt uit onderzoek van Maggi.

„We hebben met z’n allen wel minder tijd om te koken en we kunnen het ook minder goed. Daar waar vrouwen in de jaren vijftig minstens vijftien recepten uit het hoofd kenden, zijn dat er nu nog maar vijf’’, verduidelijkt Gombert.

Door de jaren heen is er dus behoorlijk wat veranderd. Nasi was vroeger een exotisch product en is nu ingeburgerd. Jongeren en jonge gezinnen zijn steeds meer van de snelle gerechten. Geen potjes en pannetjes op tafel, maar gewoon één pan waar we met z’n allen van eten.

Toch blijven bepaalde dingen hetzelfde. Zo eten we nog altijd veel aardappels, groenten en vlees. Het liefst om 18.00 uur. Sperziebonen, gekookte aardappelen en kipfilet zijn het populairst.

Hollandse vrouwen zijn wereldkampioen snel koken. In gemiddeld 18 minuten wordt een complete maaltijd op tafel gezet, die in gemiddeld 20 minuten wordt verorberd. Met uiteraard dank aan de voorgesneden groenten, voorgekookte aardappels en kant-en-klare sausjes.

Liefst 94% kookt af en toe met pakjes en zakjes. Iets waarop Maggi inspeelt. „We willen graag dat mensen koken met verse ingrediënten en als ze hulp nodig hebben zijn wij er. Vorig jaar kocht driekwart van de Nederlanders één of meerdere Maggiproducten. De bouillonblokjes en maaltijdmixen zijn het meest in trek."

De bekende slogan ’Een beetje van jezelf en een beetje van Maggi’ is dan ook niet zomaar bedacht. „Het beroemde zinnetje, dat overigens pas in de jaren negentig werd bedacht, is een paar keer weggeweest uit commercials. Maar de mensen bleven het gebruiken. Toen hebben we de slogan maar weer teruggehaald."

Maggi wordt al jarenlang over de hele wereld verkocht. Het is in veel landen ook echt een lokaal product. In Amsterdam rook het vroeger in heel West naar kruiden en specerijen van de fabriek in de Haarlemmerstraat. Sterk aan Maggi is dat sommige producten speciaal voor bepaalde landen worden gemaakt. Zoals ’Basis voor Soep’ dat alleen in Nederland verkrijgbaar is. ’Braadstomen’ daarentegen is sinds 2006 in wel 60 landen te koop.

„Tevens worden veel producten per land aangepast aan de smaak, wensen en eisen van de inwoners. De maaltijdmixen in China zijn anders gekruid dan die bij ons."

Tot slot zal ik u nog even voorstellen aan de voedseltrends van komend jaar. Niet dat ik verwacht dat u er zich iets van aantrekt. Maar wilt u er echt bij horen, eet dan vooral een keer glutenvrij en aardappels uit de schil. Ook volkerenpasta en peulvruchten zijn ’in’. Dagelijks een stuk vlees is ’uit’ en serveer vooral wat kleur op tafel. En dan bedoelt trendwatcher Anneke Ammerlaan geen witte bloemkool met een wit sausje.