Sorry, you need to enable JavaScript to visit this website.

Palmolie

Palmolie

Palmolie is de meest efficiënte, veelzijdige en meest geproduceerde plantaardige olie. Als het op verantwoorde wijze wordt ingekocht, kan het miljoenen mensen ondersteunen in levensonderhoud en de druk op bossen en kwetsbare ecosystemen verminderen. In 2010 hebben we een commitment gemaakt om ontbossing in onze toeleveringsketens tegen 2020 te beëindigen. De afgelopen tien jaar hebben we een combinatie van instrumenten gebruikt, waaronder Starling-satellietmonitoring, om ervoor te zorgen dat de ingrediënten die wij inkopen niet in verband worden gebracht met ontbossing. Als gevolg hiervan is meer dan 90% van de landbouwgrondstoffen ontbossingsvrij geverifieerd tegen het einde van 2020.  Om de risico’s effectief te managen is een industriebrede verandering nodig. Hierdoor zijn we vastbesloten om – samen met onze partners, leveranciers en branchegenoten – innovatie en industriebrede verandering te stimuleren. 

Hoe kopen we palmolie in?

Omdat 40% van de palmolie wereldwijd wordt geproduceerd door kleine boeren, dit noemen we smallholders, is onze toeleveringsketen complex. In 2019 kochten we onze palmolie in via 88 leveranciers, afkomstig uit minstens 1624 molens in 24 landen. Het merendeel van de palmolie die we inkopen is afkomstig uit Maleisië en Indonesië, maar we krijgen ook aanvoer uit heel Latijns-Amerika, West-Afrika en andere delen van Azië.

Onze aanpak om palmolie duurzaam in te kopen

De Nestlé Responsible Sourcing Standard bevat duidelijke richtlijnen voor de bescherming van veengrond en land met hoge koolstofvoorraden (HCS). Deze richtlijnen zijn cruciaal bij het bestrijden van ontbossing en voor het voorkomen van mogelijke sociale conflicten over landrechten en grondverwerving.

Onze categorie-specifieke vereisten voor palmolie eisen onze leveranciers om olie te kopen van plekken die: 
  • De lokale wet- en regelgeving naleven.
  • Na 31 december 2015 niet zijn vrijgemaakt van natuurlijk bos.
  • Het respecteren van het recht van lokale en inheemse gemeenschappen op vrije, voorafgaande en geïnformeerde toestemming.
  • HCS-grond beschermen.
  • Veengebieden beschermen.
  • Voldoen aan de principes en criteria van de Roundtable on Sustainable Palm Oil (RSPO), de industriebrede certificeringsinstantie die de groei en het gebruik van duurzame palmolieproducten promoot.

Om uitdagingen in onze toeleveringsketen aan te pakken, beginnen we met begrijpen waar de palmolie vandaan komt en hoe deze wordt geproduceerd. Vervolgens werken we samen met deskundige organisaties en de industrie om de vastgestelde problemen op te lossen.

Continue verbetering

We werken samen met onze directe leveranciers om de duurzaamheidsinspanningen continu te verbeteren – van onze toeleveranciers tot aan de kleine boeren. Vervolgens worden actieplannen ontwikkeld met mijlpalen en deadlines om in te spelen op risico's en verbetermogelijkheden die tijdens beoordelingen zijn geïdentificeerd.

Transparantiedashboard

Ons doel is om een toeleveringsketen voor palmolie te bereiken waarbij geen ontbossing plaatsvindt. Door middel van ons tansparantiedashboard houden we belanghebbenden op de hoogte van onze voortgang hierin en de lessen en uitdagingen waarmee we gaandeweg worden geconfronteerd.

Veel van de informatie is gebaseerd op gegevens van Starling, het satellietsysteem dat we gebruiken om onze gehele toeleveringsketen van palmolie te bewaken en de daaropvolgende onderzoeken die zijn uitgevoerd met onze partners en leveranciers.

Sinds 2017 helpt Starling ons de ontbossingspatronen in palmolie producerende gebieden beter te begrijpen. Starling omschrijft waar ontbossing plaatsvindt, wat de belangrijkste drijfveren daarvan zijn en wie erbij betrokken zijn.

We gebruiken gegevens van Starling om ontbossingsrisico’s en molens waarvan we inkopen te identificeren. Bovendien helpen de gegevens om prioriteiten te stellen binnen onze toeleveringsketen. Dit heeft er ook toe geleid dat we onze strategie tegen ontbossing verder hebben ontwikkeld.

Hoe gebruiken we de gegevens van Starling?

Betrokkenheid leveranciers: wanneer we waarschuwingen ontvangen via ons Starling-dashboard, schakelen we onze directe leveranciers in die zijn gekoppeld aan de desbetreffende molen. Hierdoor komen we erachter of de waarschuwing gelinkt is aan onze toeleveringsketen, welke maatregelen bedrijven in onze toeleveringsketen nemen om het ontbossingsrisico aan te pakken en wat er nog moet gebeuren om de vooruitgang te versnellen.

Het is effectief om onze leveranciers met feitelijke en gedetailleerde gegevens te betrekken. We krijgen sneller relevante informatie, waaronder concessie-informatie (d.w.z. gebied toegewezen door een regering of andere instantie voor oliepalmplantages op industriële schaal). Onze leveranciers zijn meer betrokken omdat ze het voordeel zien van het kunnen verifiëren van hun toezegging om ontbossing helpen te bestrijden. Bovendien helpt dit proces om te identificeren wat we plaatselijk nog moeten doen om ontbossing aan te pakken.

Onderzoek ter plaatse: indien nodig, zullen we – samen met onze partner Earthworm Foundation en/of leverancier – ter plaatse controleren of de satellietbeelden kloppen en hoe deze verband houden met specifieke molens in onze toeleveringsketen. Deze informatie helpt ons in onze besluitvorming, bijvoorbeeld over het schorsen van bedrijven.

Prioriteiten stellen: daarnaast gebruiken we gegevens van Starling bij projecten die we steunen om locaties te prioriteren voor bosbehoud. Dit houdt in dat we contact onderhouden met kleine boeren die zich op de grenzen van bedreigde bosgebieden bevinden over het plannen van natuurbehoud. Bovendien halen we plantagebedrijven met stukken grond die het risico lopen te worden aangetast over om zich te committeren aan de bestrijding van ontbossing. Tevens betrekken we lokale overheden bij geïntegreerde planning van landgebruik.

Wat leren we door Starling-data?

Ondanks de verminderde ontbossingscijfers in sommige regio's, worden bosecosystemen nog steeds bedreigd.

Ontbossing kan verschillende oorzaken hebben, waaronder de verschuiving in landbouw, mijnbouw, palmolie- of rubberplantages en stedelijke ontwikkeling. Door Starling-gegevens op een gedetailleerder niveau te analyseren, hebben we beter inzicht gekregen in de schaal en patronen van ontbossing in palm olieproducerende gebieden. Dit is wat we hebben geleerd en waarom het ertoe doet:

Ontbossing vindt nog steeds plaats in palmolie producerende regio’s waarvan we inkopen en belemmeringen in transparantie en traceerbaarheid vertragen onze vooruitgang.

Ontbossing door de uitbreiding van palmolieproductie blijft een realiteit. In 2019 waren er wereldwijd 388.047 Starling-waarschuwingen voor ontbossing binnen 50 km van de fabrieken waarvan we inkopen - wat neerkomt op 472.513 hectare bosverlies.

Een waarschuwing betekent echter niet dat ontbossing werd uitgevoerd door actoren in onze toeleveringsketen of door de palmolie-industrie. Daarom betrekken we onze leveranciers om ter plaatse de situatie te onderzoeken. Er zijn echter uitdagingen om ontbossing te controleren. Een voorbeeld hiervan is het krijgen van toegang tot volledige inkoopgrenzen en de traceerbaarheid van de plantage tot alle molens in onze toeleveringsketens; met name kleine en middelgrote molens die inkopen bij onafhankelijke kleine boeren, maar ook grotere bedrijven die hun productielocaties niet bekendmaken.        

De grenzen van ontbossing zijn dynamisch.
Als we kijken naar de geografische locatie van Starling-waarschuwingen sinds 2016, zien we gebieden met een aanzienlijke toename van ontbossing (Nestlé Deforestation Chart) over de afgelopen jaren. Starling stelt ons in staat om deze trends gelijk te identificeren en snel te handelen op de desbetreffende plekken. Dit vormt een aanvulling op bestaande analyses die naar meerdere factoren kijken, waaronder de commitments van molens op ‘No Deforestation, No Peat, No Exploitation’ (NDPE) beleid, het betrekken van maatschappelijke organisaties, de lokale overheid bij bosbescherming, relevante wetgeving en beleid en de ontwikkeling van nieuwe infrastructuur, zoals wegen en verwerkingsfaciliteiten.

Ontbossing vindt steeds vaker plaats buiten de ‘concessies’, dat zijn gebieden die zijn toegewezen voor palmolie plantages op industriële schaal.
We zien dat, waar we informatie over concessiegrenzen hebben, er binnen deze grenzen beperkte ontbossing plaatsvindt in vergelijking met daarbuiten. Slechts 5% van het totale verloren bosgebied vond plaats binnen concessies die in Starling waren geïntegreerd. Aangezien we nog geen 100% concessiegrenzen hebben voor onze hele toeleveringsketen, kan de omvang van deze trend op dit moment niet worden bevestigd, maar we werken aan versterking van deze analyse voor een completer beeld van de situatie.

Ontbossing komt steeds vaker voor op kleine schaal.
We zien dat bosverlies steeds meer verband houdt met kleinschalige ontbossing: sinds januari 2016 wordt 57% van het totale bosverlies in palmolie producerende landen veroorzaakt door ontbossing van minder dan vijf hectare tegelijk. Een voorbeeld van de versnelling van kleinschalige ontbossing in de tijd is hieronder te zien. Dit duidt op (1) een toename van ontbossing als gevolg van kleinschalige landbouw in palmolieteelt, andere gewassen of niet-agrarische activiteiten en (2) een afname van ontbossing onder leiding van grootschalige plantagebedrijven.

Het benadrukt het belang om de drijfveren voor kleinschalige ontbossing te begrijpen. Deze oorzaken worden gebruikt voor onze strategie voor het voorkomen van ontbossing en het ontwikkelen van interventiestrategieën die specifiek op die drijfveren zijn gericht. We hebben door ons werk tot nu toe gezien dat de strategieën voor grootschalige ontbossing in het verleden niet succesvol vertaald kunnen worden op de kleinschalige ontbossing van de toekomst.

Wat doen we eraan?

We streven ernaar bij te dragen aan een bos-positieve toekomst: één die bijdraagt ​​aan een duurzaam levensonderhoud voor gemeenschappen die afhankelijk zijn van bossen en die waardevolle bossen en ecosystemen beschermt.

We hebben de gegevens van Starling en de leerpunten van onze leveranciers gebruikt om onze strategie tegen ontbossing te verfijnen en om tools te helpen ontwikkelen of versterken. De belangrijkste stappen zijn:

  • Het vergroten van middelen voor gegevensverzameling en -analyse en veldverificatie om sneller en consistenter te reageren op Starling-waarschuwingen.
  • De bewustmaking van kleine en middelgrote molens over het belang van traceerbaarheid naar de plantage en het opbouwen van hun capaciteit om belangrijke systemen te implementeren om Fresh Fruit Bunch (FFB), de ruwe grondstof voor de palmoliemolens, te registreren.
  • De integratie of versterking van de bosbeschermingscomponent in al onze smallholder projecten.
  • De ondersteuning van landschapsinitiatieven en herbebossingsinspanningen.

Naast wat kan worden bereikt door een enkel bedrijf, willen we ook transformatieve verandering stimuleren door te pleiten voor meer traceerbaarheid en transparantie, meer steun voor de inclusie en veerkracht van kleine boeren en meer collectieve actie.

Transparantie van de toeleveringsketen

Transparantie in de toeleveringsketen is belangrijk om alle actoren verantwoordelijk te houden en om vooruitgang aan te tonen. Transparantie is vereist op verschillende niveaus:

  • Koppelingen in de toeleveringsketen en eigendomsinformatie
    Transparante informatie over de namen en locaties van de leveranciers die betrokken zijn bij de productie van palmolie, en over eigendomsstructuren tussen raffinaderijen, molens en concessies, zijn vereist om traceerbaarheid en invloed uitoefenen mogelijk te maken. Tegenwoordig is deze informatie vaak niet beschikbaar of wordt deze soms zelfs verduisterd door het gebruik van schaduwbedrijven. We hebben openbaar gemaakt van welke molens we inkopen en verwachten dat alle actoren in de toeleveringsketen hetzelfde doen.
  • Traceerbaarheid tot plantage (TTP)
    Hoewel er veel vooruitgang is geboekt om de traceerbaarheid tot molens te bereiken, is het essentieel om te weten op welke plantage de Fresh Fruit Bunch (FFB) is verbouwd, evenals de reguliere locaties van onafhankelijke kleine boeren. We vragen al onze leveranciers om hun volledige toeleveringsketen tot aan de plantage in kaart te brengen, ook voor fabrieken van derden waar ze inkopen. Er is momenteel 62% traceerbaarheid tot aan de plantage, maar er is toewijding van de hele industrie nodig om dit aantal te verhogen.
  • Voortgangsbewaking en rapportage
    Om ontbossingsvrije commitments na te komen, is een gemeenschappelijk kader voor voortgangsrapportage vereist. Daarom ondersteunen we de ontwikkeling van het NDPE Implementation Framework, een rapportagekader dat is ontworpen om bedrijven te helpen de voortgang bewaken, hiaten te identificeren en verbetering effectief te stimuleren.

 

Steun voor de inclusie en veerkracht van kleine boeren

Kleine boeren spelen een belangrijke rol in de toeleveringsketen van palmolie. Ze produceren naar schatting 40% van de wereldwijde palmolievolumes. Daarom is het aanpakken van het levensonderhoud van kleine boeren en bosbescherming een essentieel onderdeel in de strategie voor het behoud van palmoliebossen.

Kleine boeren worden geconfronteerd met specifieke uitdagingen, waaronder lage opbrengsten, verouderende oliepalmbomen en een gebrek aan financiering. Deze factoren kunnen leiden tot lage inkomens en kwetsbaarheid voor klimaat- en marktschokken, die op hun beurt een belangrijke drijfveren zijn voor uitbreiding ten koste van bossen. Hoewel deze uitdagingen specifieke oplossingen vereisen, is het door het grote aantal kleine boeren en hun vaak afgelegen locatie moeilijk om ze effectief te bereiken. Wij zijn van mening dat raffinaderijen, molens en handelaren moeten worden gestimuleerd om samen met kleine boeren en hun gemeenschappen te werken aan het bevorderen van duurzaam levensonderhoud en tegelijkertijd de bosbescherming te waarborgen. Kopers van palmolie moeten strategieën ontwikkelen om deze uitdaging het hoofd te bieden en moeten deze boodschap overbrengen aan palmolieproducenten.

Collectieve actie en betrokkenheid

Effectieve collectieve actie en samenwerking ter plaatse, evenals betrokkenheid bij regeringen op nationaal en regionaal niveau, zijn essentieel om de systeemverandering te stimuleren die nodig is om ontbossing een halt toe te roepen.

Meer actiegerichte samenwerking tussen actoren in de toeleveringsketen, waaronder kopers zoals Nestlé, zou helpen om enkele van de collectieve uitdagingen aan te pakken waarmee de palmolie-industrie wordt geconfronteerd. Andere aspecten van deze uitdagingen en mogelijke oplossingen staan niet onder directe invloed van de particuliere sector. Het is cruciaal om transparant te zijn over ons proces, onze vooruitgang, de obstakels waarmee we worden geconfronteerd en het pleiten voor het milieu om ontbossingsvrije toeleveringsketens te realiseren.

  • Implementatie op schaal van traceerbaarheidstools
    Het kunnen traceren en volgen van de volledige toeleveringsketen – van de productie van grondstoffen tot het product in het schap – is essentieel om bedrijven in staat te stellen ontbossingsrisico's te lokaliseren en aan te pakken. Kleine en middelgrote fabrieken moeten in staat worden gesteld en gestimuleerd om FFB-controlesystemen (Fresh Fruit Bunch) te implementeren en zich te committeren geen Fresh Fruit Bunch van onbekende oorsprong te accepteren.
  • Landschapsinitiatieven
    Er zijn veel oorzaken van ontbossing, die verder gaan dan een enkel bedrijf, een enkele grondstof of een enkele industrie. Terwijl we ervoor zorgen dat ontbossingsvrije toeleveringsketens van groot belang zijn, is samenwerking met meerdere sectoren en stakeholders op landniveau nodig om de voortgang te versnellen. Het is even belangrijk dat deze initiatieven de belanghebbenden betrekken die nodig zijn om boslandschappen te beschermen en te herstellen, zoals lokale en inheemse gemeenschappen.
  • Belangenbehartiging
    Hoewel het tegengaan van ontbossing een gedeelde verantwoordelijkheid is, kunnen kopers van palmolie hun collectieve stem gebruiken om:
    • Actoren binnen en buiten concessies duidelijk te maken wat hun verwachtingen zijn bij het tegengaan van ontbossing en hun bereidheid kenbaar maken om het hoofd te bieden aan het overwinnen van belangrijke uitdagingen, zoals inclusie van kleine boeren.
    • Certificeringsregelingen te helpen versterken.
    • Regeringen van producerende landen te betrekken in het delen van transparante gegevens en informatie over de trends die ze waarnemen en om oplossingen te ontwikkelen voor duurzame planning en ontwikkeling van landgebruik.
    • De regeringen van de consumentenlanden te betrekken om hen te helpen inzicht te krijgen in de diepere oorzaken van ontbossing en lopende oplossingen afgestemd op de lokale context.
    • Te pleiten voor passende regelgevende en niet-regelgevende maatregelen, waaronder verplichte mensenrechten en milieuonderzoek.

 

Verder gaan dan 2020

Vanaf april 2020 was 70 procent van de palmolie die we kochten ontbossingsvrij. Hoewel het meer tijd kan kosten dan oorspronkelijk verwacht om onze commitment te realiseren om ontbossing te voorkomen, zullen we blijven samenwerken met zowel kleine boeren als grote leveranciers om binnen de komende drie jaar dichtbij de 100% te komen. Om ons doel te ondersteunen, zullen we op verschillende fronten blijven werken:

  • Het vergroten van de betrokkenheid  van kleine en middelgrote molens voor de implementatie van traceerbaarheids- en FFB-controlesystemen om ontbossing te voorkomen.
  • Ons klachtensysteem (grievance system) voor de toeleveringsketen uitbreiden naar een klachtensysteem op groepsniveau.
  • Starling-gegevens gebruiken om te anticiperen op molens die meer risico lopen op betrokkenheid bij ontbossing.
  • Blijven samenwerken in de industrie- en stakeholdergroepen om onze inzichten te delen en het gesprek over bosbescherming vorm te geven. Deze omvatten de Forest Positive Coalition of Action van het Consumers Good Forum, de Palm Oil Collaboration Group en de Palm Oil Transparency Coalition.

Als aanvulling op ons werk om bossen te beschermen, vergroten we ook de inzet van op de natuur gebaseerde oplossingen, zoals agrobosbouw en herstel van aangetaste ecosystemen – om meer koolstof te absorberen, de bodemgezondheid te verbeteren en de biodiversiteit te vergroten. Dit maakt deel uit van ons plan om tegen 2050 nul netto uitstoot van broeikasgassen te realiseren. We hebben al herbebossingsprojecten aangekondigd op belangrijke inkooplocaties in Noord- en Zuid-Amerika. De combinatie van deze twee benaderingen – behoud en herbebossing – streeft ernaar de manier waarop we grondstoffen kopen te transformeren en tegelijkertijd onze koolstofemissies te verminderen.